Compassie (of mededogen) is het vermogen om ons betrokken te voelen bij pijn en lijden, zowel dat van onszelf als dat van anderen. Het gaat samen met de wens deze pijn en dit lijden te verlichten en de bereidheid daarin verantwoordelijkheid te nemen. Het is een algemeen menselijke eigenschap, die bij ieder in aanleg aanwezig is, maar die vaak om allerlei redenen niet tot bloei is gekomen. Gelukkig kan compassie door beoefening wel ontwikkeld en verdiept worden. Terwijl medelijden vooral gepaard gaat met angst en sentimentaliteit, vraagt compassie om moed en ruimhartigheid.
In de Mindfulnesstraining oefenden we al met een niet-oordelende, milde en vriendelijke aandacht. In de Compassietraining gaan we verder met het ontwikkelen van deze mildheid en vriendelijkheid naar onszelf en anderen toe en voegen hier compassie aan toe. Vanuit mindfulness maken we een ontwikkeling door naar heartfulness, als waardevolle aanvulling en verrijking.
Beoefening van zelfcompassie is niet egocentrisch maar zorgt juist voor een gezonde relatie met onszelf en juist ook voor een grotere openheid en mededogen naar anderen toe.

In onze cultuur ervaren veel mensen gezondheidsproblemen van welke aard dan ook, hebben een lage dunk van zichzelf en gaan gebukt onder zelfverwijt of schaamte. Zij kunnen somber, angstig, hunkerend, boos of wantrouwend in de wereld staan en moeite hebben om warme gevoelens voor zichzelf en anderen te ervaren. Zij kunnen vluchten in isolement of zich storten in bezigheden of relaties die hen niet echt voldoening geven. Gesprekstherapieën bieden niet altijd een oplossing. Soms geven zij wel inzicht maar bereiken onvoldoende het ervaringsniveau (Ik snap het wel, maar voel het niet). Juist dan valt compassietraining te overwegen, waarin oefeningen aangeboden worden om meer warmte, geborgenheid, acceptatie en verbondenheid met zichzelf en anderen te ervaren.

De Compassietraining (Mindfulness Based Compassionate Living) is bedoeld voor mensen die zich (deels) in boven gaande beschrijving herkennen en die eerder een Mindfulnesstraining hebben gevolgd. Voor degenen die ervaren hebben dat mindfulnessbeoefening hen goed doet maar ook moeite hebben dit in het dagelijks leven te integreren en daarbij een milde, vriendelijke houding te ontwikkelen. Voor mensen die gemotiveerd zijn tot nader zelfonderzoek en aan de eigen ervaring willen toetsen wat heilzaam voor hen is en wat niet.

De Compassietraining bestaat uit acht wekelijkse bijeenkomsten van 2 1/2 uur plus een hele oefendag (in stilte) in week 6 van het programma.
Naast het verder trainen van mindfulness komt onder andere het volgende aan bod:

  • Het erkennen van pijn en lijden en hoe ons brein en organisme is geëvolueerd om ons te helpen overleven.
  • Inzicht in de drie centrale emotieregulatiesystemen gericht op veiligheid, bevrediging en sociale verbondenheid.
  • Hoe de emotieregulatiesystemen uit balans kunnen raken door invloeden van buitenaf, maar ook van binnenuit, bijvoorbeeld door schaamte en zelfkritiek.
  • Onze gedeelde menselijke conditie (Common Humanity) en dat waar we niet voor gekozen hebben is niet onze fout.
  • Hoe mentale voorstellingen de emotieregulatiesystemen kunnen beïnvloeden en hoe compassiebeoefening en de ontwikkeling van een ‘innerlijke helper’ de balans helpen herstellen.
  • Oefeningen in compassievol motiveren, aandacht geven, voelen, redeneren, verbeelden, spreken en handelen.

Net als bij de mindfulnesstraining zijn de voornaamste leermeesters de eigen ervaring en de uitwisseling in de groep. Deelnemers zijn vrij in welke mate ze willen delen en hoeven elkaars problemen niet op te lossen. Wel kunnen ze elkaar ondersteunen door ook in de uitwisseling mindfulness en compassie te beoefenen.
Van deelnemers wordt de bereidheid gevraagd om dagelijks tijd vrij te maken voor beoefening aan de hand van een werkboek en cd’s.

Alhoewel de Compassietraining als groepstraining is ontwikkeld, is het ook mogelijk deze individueel te volgen bij mij de praktijk.

De Compassietraining is ontwikkeld door Erik van den Brink en Frits Koster en is onder meer gebaseerd op het werk van Paul Gilbert, Christopher Germer, Tara Brach en Kristin Neff.